1a. Kleine fricties in het dagelijks gebruik
Het zijn meestal geen grote storingen die blijven hangen. Het zijn kleine momenten, dingen die nét anders lopen dan je verwacht.
Een knop die gisteren nog zichtbaar was. Een instelling die ineens ergens anders staat. Een melding die zegt dát er iets mis is, maar niet wat.
Op papier zijn het details. In de praktijk kosten ze aandacht, en aandacht is iets wat we niet onbeperkt hebben.
Juist omdat techniek zo verweven is met dagelijkse handelingen, vallen deze kleine fricties op. Ze onderbreken het ritme en vragen dat je stopt, terugkijkt en opnieuw probeert te begrijpen wat er van je verwacht wordt.
Niet omdat je het niet kúnt, maar omdat het moment er niet naar is. Je bent bezig, je wilt verder, niet nadenken over de logica achter de handeling.
Daar ontstaat spanning. Niet tussen mens en techniek als tegenstanders, maar tussen verwachting en uitvoering, tussen hoe je denkt dat het werkt en hoe het systeem het bedoelt.
Deze momenten zijn klein, maar ze stapelen zich op. En precies daar begint het gevoel dat techniek soms meer vraagt dan ze teruggeeft.